Fietsen123

  • Wat doet de gemeente met opgehaalde fietsen?

    Hoeveel fietsen er jaarlijks naar het gevreesde gemeentedepot worden afgevoerd, is niet precies bekend, maar dat het om gigantische aantallen gaat, staat vast: onderzoek van RTL Nieuws toonde aan dat het jaarlijks in het hele land om minimaal 220.000 fietsen gaat.

    Fiets weg?

    Als je na een of meerdere dagen met de trein weggeweest te zijn terugkomt op het station en daar merkt dat je fiets weg is, dan denk je waarschijnlijk al snel aan diefstal. Maar houd er ook rekening mee dat je fiets verwijderd is door de gemeente. Verkeerd gestalde fietsen bij stations en andere populaire stallingen komen namelijk vroeg of laat terecht in het gemeentedepot. En denk je nu: ‘dat kan niet, want mijn tweewieler stond goed gestald’, dan kan het toch geen kwaad om navraag te doen. Ook goed gestalde fietsen belanden weleens in het depot.

    Wat nu?

    Als je fiets inderdaad verwijderd is door de gemeente, dan kun je deze in het gemeentedepot ophalen. Je moet dan uiteraard wel een geldig legitimatiebewijs en een passende sleutel kunnen overhandigen. En niet onbelangrijk: geld. Een fiets ophalen bij het gemeentedepot is namelijk niet gratis. Over het hele land gezien, kost dit gemiddeld per fiets €10, maar per gemeente verschillen de prijzen. Hoe duur het in jouw gemeente is, kun je hier zien.

    De wettelijke bewaartermijn is dertien weken, maar hoe lang een fiets werkelijk in het depot staat, verschilt per plaats. In veel gemeenten mogen fietsen eerder uit het depot verwijderd worden, bijvoorbeeld als de waarde van de fiets maximaal €50 bedraagt. Dit bedrag staat namelijk gelijk aan de ophaal- en bewaarkosten die een gemeente per fiets maakt. Fietsen die meer waard zijn, moeten langer bewaard worden.

    Wanneer wordt een fiets verwijderd?

    Over het algemeen geldt dat fietsen worden verwijderd als deze ‘overlastgevend’ zijn. Hier zijn landelijke regels voor, maar deze kunnen door elke gemeente anders geïnterpreteerd worden. Tel hierbij op de regels die gemeenten zelf mogen opstellen, zoals bijvoorbeeld de stallingstermijn op bepaalde plaatsen, en je hebt een heerlijk gevarieerd beleid. Toch kunnen we een aantal algemeen geldende regels onderscheiden. Overlastgevende fietsen…

    • …zijn gestald op plekken waar ze niet mogen staan, bijvoorbeeld op hinderlijke of gevaarlijke plekken of buiten de stallingen.
    • …staan langer dan de stallingstermijn op dezelfde plek
    • …zijn verlaten of wrakkige fietsen.

    Op drukke plaatsen, zoals stations, wordt regelmatig gecontroleerd. Vaak worden er ook waarschuwingen gegeven voor overgegaan wordt tot het afvoeren van de fiets naar het depot, bijvoorbeeld door middel van een kaartje op de fiets met waarschuwing. Ook controleren handhavers of fietsen gebruikt worden, bijvoorbeeld met dunne tiewraps bij de wielen die breken zodra de fiets gebruikt worden.

    Wat gebeurt er met niet opgehaalde fietsen?

    De meeste fietsen worden niet door hun rechtmatige eigenaar opgehaald: meer dan de helft blijft tot het verstrijken van de bewaartermijn in het depot staan.

    Wat er daarna met de fietsen gebeurt, kan per gemeente verschillen, maar vaak geldt dat wrakken waar niets meer mee gedaan kan worden, verwerkt worden tot schroot. In sommige gemeenten gebeurt dit via een tussenpersoon, die eerst alle nog bruikbare onderdelen van de fiets verwijdert. Deze kunnen dan weer gebruikt worden om andere fietsen op te knappen. Daarna krijgt het restant van de fiets een enkeltje naar de schroothoop.

    Fietsen die een opknapbeurt kunnen gebruiken, gaan bijvoorbeeld naar leerwerkcentra of dagbestedingstrajecten, waar deze weer van ‘nieuwe’ onderdelen worden voorzien en eventueel een lakbeurt krijgen. Daarna worden ze doorverkocht.

    Fietsen die nog in goede staat zijn, worden verkocht aan handelaren. Vaak gebeurt dit door middel van een veiling. Het kan dus gebeuren dat je op een gegeven moment bij toeval je oude fiets tweedehands bij een rijwielhandelaar tegenkomt.

    Bronnen: AD, CROW, Indebuurt, Radar & RTL Nieuws
  • Oproep aan minister Van Nieuwenhuizen: “er moet een slot op het appen op de fiets.”

    Minister Van Nieuwenhuizen kondigde eind 2017 aan dat zij een wetsvoorstel zou indienen voor een algeheel verbod op het handheld gebruik van de smartphone op de fiets. Dit verbod zou volgens haar in 2019 van kracht moeten worden. Tot op heden is er niets gebeurd, op dat gebied tenminste.

    Wat wel is gebeurd, is een toename van het aantal ongevallen. Vorig jaar kwamen voor het eerst meer fietsers dan automobilisten door een ongeval om het leven. Ook het aantal ongevallen zonder dodelijke afloop stijgt, en de rol van de smartphone daarin lijkt steeds groter te worden: bij een op de vijf ongevallen met een jongere is de smartphone de oorzaak.

    “Het is toch niet verboden?”

    Veel ouders wijzen hun kinderen op de gevaren van het gebruik van de smartphone in het verkeer, maar die waarschuwingen lijken tevergeefs. Als ze hen vragen de smartphone niet te gebruiken, krijgen ze steevast het antwoord: “Waarom niet, het is toch niet verboden?” De meeste gebruikers van de smartphone op de fiets denken dat ze voldoende overzicht kunnen houden op het verkeer om hen heen. Het toenemend aantal ongevallen laat echter wat anders zien.

    Maar één oplossing

    Voor Veilig Verkeer Nederland en de Vereniging Verkeersslachtoffers zit er maar één ding op: het verbod op de smartphone op de fiets moet er komen. Een uitspraak hierover doen is gemakkelijk, maar er is nog niets gebeurd; het geduld bij deze partijen is op.

    Nelly Vollebregt van de Vereniging Verkeersslachtoffers raakte zelf verlamd door een aanrijding met een bellende automobilist. Ze legt uit: “Dat ding moet gewoon helemaal verboden worden. Je ziet de verslaving eraan toenemen. Met name de jeugd kan geen minuut zonder dat ding. Een radicaal verbod en keiharde handhaving. Dat is het enige wat helpt.”

    De oproep van Veilig Verkeer Nederland en de Vereniging Verkeersslachtoffers is ook aangekomen bij Maurits von Martels van coalitiepartij CDA. Hij roept op tot dringende maatregelen: "Voor iedereen moet duidelijk zijn dat appen in het verkeer, of dat nu in de auto is of op de fiets, onacceptabel is. Het is levensgevaarlijk. Er moet een slot op het appen op de fiets.” Als er een verbod komt, dan kan er strenger gehandhaafd worden.

  • 50 te hard binnen de bebouwde kom?

    Voor automobilisten vervelend, maar voor fietsers heerlijk: wegen waar auto’s niet harder mogen dan 30 km/h. Onderzoek heeft aangetoond dat op 30-wegen de kans op een ongeval 3,5 keer lager is dan op 50-wegen. Ook heb je als fietsers meer ruimte en ademvrijheid als de auto’s niet zo hard langs je heen razen.

    Daarom wil de Fietsersbond op zo veel mogelijk wegen binnen de bebouwde kom een maximumsnelheid van 30 km/h. Met dit initiatief, dat de naam ’30 is het nieuwe 50!’ draagt, kunnen fietsers op een interactieve kaart aangeven op welke wegen zij 50 km/h te hard vinden. Hiermee wil de organisatie de fietsveiligheid binnen de bebouwde kom van Nederland vergroten. Wil jij de maximumsnelheid in jouw buurt verlagen? Geef het aan op de kaart van de Fietsersbond.

    Bron: Fietsersbond